De cover van Hugo ademt pure nostalgie. In één oogopslag voel je de sfeer, maar tegelijkertijd rijst de vraag: hoe is het mogelijk dat deze serie zo onbekend is gebleven? De integrale neemt ons mee terug in de tijd, legt uit, bundelt alle avonturen en geeft Hugo de nieuwe impuls die het verdient.
Door Thijs Franssen
Een klein mannetje met een luit op zijn rug wandelt in gezelschap van een beer het kasteel van koning Hilarious binnen. Het zijn Hugo, een eigenzinnige troubadour, en zijn trouwe vriend Biscoto. Ze krijgen de taak om een prins te redden die door magie is veranderd in een boon. Het avontuur mondt al snel uit in een strijd tussen legers van groenten en fruit en zwermen insecten.
Mysterie
In ‘De dwerg van Wolvenburg’ ligt meer nadruk op een andere kwaliteit van de serie. Hugo belandt op de bouwplaats van een kathedraal in aanbouw. De plek lijkt vervloekt door de vele ongelukken die er plaatsvinden. Als er op een avond dat een steiger instort een duister figuur wordt gezien, is sabotage ook een mogelijke verklaring. Het is aan Hugo om dit tot op de bodem uit te zoeken.
Meer dan fantasie
De historische context krijgt hier meer ruimte met mooie details, waardoor het tijdsbeeld duidelijker wordt benadrukt. Dit album groeide in Frankrijk uit tot de populairste van de reeks. De zorgvuldige documentatie van Bédu, maakte het album zeer geschikt als educatief materiaal voor het Franse onderwijs.
Avonturen
In de opvolgende delen zijn de avonturen niet minder bijzonder. Hugo krijgt te maken met rivaliserende broers, waarbij de ruzie uitmondt in een strijd om de gouden appel. Hij helpt mee bij de zoektocht naar de oorsprong van een mysterieus meisje dat beschikt over bovennatuurlijke krachten. En in het laatste deel is hij op een riddertoernooi waarna hij halsoverkop op zoek moet naar de gestolen blauwe parel. Stuk voor stuk heerlijk fantasierijke avonturen vol humor, absurditeit, wendingen en geweldig originele wezens.
Bédu
Achter het pseudoniem Bédu schuilt Bernard Dumont (Ciney, Wallonië, 1948), een productieve maar opvallend onder de radar gebleven stripmaker. Sinds de jaren zeventig bouwde hij gestaag aan een veelzijdig oeuvre. Ali Bamba, Proffi, Clifton en zonder twijfel zijn bekendste werk De psy, een gagreeks die hij samen met Raoul Cauvin uitwerkte. Ondanks zijn grote verdienste is een echte doorbraak in Nederland uitgebleven.
Ontstaan
Hugo zag in 1981 het levenslicht in het weekblad Kuifje met een kortverhaal: ‘Het duel’. Pas enkele jaren later start het weekblad met het publiceren van de avonturen die later ook als volwaardig album zullen verschijnen. Bédu had in eerste instantie het plan om van Hugo een klassieke dierenstrip te maken, maar de hoofdredacteur zag hier geen brood in. Bédu zag zich genoodzaakt aanpassingen te doen. (Vervolg na de covers)
Verhaalstructuur
De redactionele invloed is ook merkbaar in de vertelstructuur. De verhalen moesten zich destijds schikken naar het weekblad en moest bestaan uit korte hoofdstukken van zes à zeven pagina’s. Dit merk je in het tempo. Het hapert af en toe en de flow voelt soms geforceerd. Wat praktisch werkte voor het blad, bleek niet altijd de beste keuze voor het verhaal zelf. Toch weet Bédu zich knap staande te houden binnen deze beperkingen en er het beste uit te halen.
Taal
Een van zijn meest uitgesproken kwaliteiten is zijn liefde voor taal, die tot uiting komt in speelse en inventieve namen, begrippen en dialogen. In de vertaling gaat daar soms iets van verloren, maar juist die taalvondsten geven de reeks haar extra charme.
Tekening
Bédu geeft de serie een enorme charme mee met zijn geweldige visuele kwaliteit. Het zijn niet alleen de fantasierijke charismatische personages in wonderlijke decors, maar ook de manier waarop het is gemaakt. Elke pagina is zeer vakkundig uitgewerkt, kleurrijk en dynamisch. Hij experimenteert met technieken en perspectieven. In het derde verhaal zitten bijvoorbeeld een aantal platen die alleen met potlood zijn gemaakt. Het geeft iets extra’s aan de wereld waar Hugo zich op dat moment bevindt.
Animatie
De visuele stijl is typerend voor jeugdseries uit de jaren tachtig. Het doet denken aan tekenfilmseries uit die tijd. Het is dan ook geen verrassing dat er ooit plannen waren om Hugo tot leven te wekken in een animatie. Jammer genoeg verdwenen die plannen al snel van tafel na interne verschuivingen bij de uitgeverij.
Een abrupt einde
Het einde van de reeks is minder sprookjesachtig. Toen Bédu in 1983 Clifton overnam, verschoof noodgedwongen zijn focus. Hugo kwam steeds meer op de achtergrond te staan en verdween uiteindelijk volledig. Een zesde deel werd nog voorbereid, maar nooit afgerond.
Conclusie
Deze integrale haalt Hugo uit de vergetelheid en geeft de reeks opnieuw een podium. En hoewel dat misschien geen absolute noodzaak was, voelt het wel als een terechte correctie. De reeks kent misschien wat tekortkomingen door de gefragmenteerde opbouw, maar door dit in context te plaatsen valt dit te vergeven en houd je een eigenzinnige strip over met een overvloed aan creativiteit, speelsheid en visuele charme waar je veel plezier aan kan beleven. Hopelijk is dit boek zo succesvol dat ook de losse albums weer een herdruk krijgen en Hugo weer een nieuwe generatie weet te raken.
Hugo integraal
Scenario & Tekening: Bédu
Uitgeverij: Tzooz
304 pagina’s / hardcover / € 39,95


















